donderdag 12 april 2012

Nieuwsredactie, Leerkracht

Een nieuwszender heeft andere doelen dan een school. Een nieuws redacteur heeft andere doelen als een leerkracht. Maar zijn er ook gelijkenissen?

Een redacteur van Nieuwsuur zal elke ochtend op moeten staan met ontbijt, een krant en de televisie op het nieuws. Nieuwsuur is een programma dat verder ingaat op het nieuws wat eerder is gepubliceerd. Als het eenmaal bekend is op de redactie wat er in het nieuws is geweest, wordt er besloten waar zij op ingaan in de uitzending. Er moeten snel verslaggevers gestuurd worden naar de plaats waar iets is gebeurd, en gastsprekers worden uitgenodigd die betrokken zijn.

De leerkracht zal elke ochtend op moeten staan met ontbijt en minimaal één nieuwsbron. Het is van belang dat een leerkracht mee kan praten met het onderwerp van gesprek op school. Zowel met de leerkrachten als de leerlingen en de ouders. Het mag je als leerkracht overkomen dat je op een ochtend geen idee hebt wat er speelt in de wereld, en het je laat vertellen door anderen. Als nieuwszender zal je moeten weten wat er speelt. 

De eerste gelijkenis die ik hieruit kan halen is dat zowel de leerkracht als de nieuwsredacteur elke dag móet presteren. Beide kunnen niet zomaar op een ochtend beslissen om maar eens een dagje vrij te nemen. Er is een groep kinderen die naar school moeten, en er thuis bijvoorbeeld niemand thuis is. Aan de andere kant zijn er honderd duizenden mensen die op het nieuws zitten te wachten. Er speelt een vorm van betrouwbaarheid die beide partijen moeten waarborgen.

De tweede gelijkenis is te vinden in de 'inhoud'. Wat ik van de redacteur heb geleerd is dat de inhoud net zo belangrijk is als het leuk vinden om naar te kijken. Een les op school kan nog zo belangrijk zijn, maar het moet ook leuk gepresenteerd worden en er moet een interessante uitdaging in zitten. 

Wat ik dus vooral geleerd heb van de redacteur, is dat je je moet beseffen dat je er elke dag weer voor de volle honderd procent voor moet gaan. Je kunt niet zomaar een snipperdag nemen, of zonder enig enthousiasme de dag door komen.

Een korte, wellicht ontoepasselijke doch verduidelijkende video over inhoud en uiterlijk:


De morele ontwikkeling van het kind

Een kind steelt ongezien steeds vaker een koekje van je bureau. Stelen is slecht. Maar stelen voor je arme moeder die hongerig is en bijna geen dak meer boven haar hoofd heeft? Het morele aspect van een daad van een kind is vaak onduidelijk.

Piaget heeft over dit onderwerp een boek geschreven: The moral judgement of the child (1997). Hierin schrijft Piaget dat de morele ontwikkeling van kinderen zich in stadia ontwikkelt. Het eerste stadium is het transitionele stadium. Het gaat hier om het meer geven- en nemen interacties met andere kinderen, regels kunnen opgesteld en veranderd worden door een groep, perspectief leren nemen, coöperatief opstellen en kinderen beginnen autonomer te worden. Het tweede stadium is het stadium van autonome moraliteit. Dit is het stadium rond de leeftijd van 11-12 jaar. Het niet meer blindelings volgen van autoriteiten als basis van morele beslissingen. Men ziet dat regels product sociale overeenstemmigheid zijn en veranderd kunnen worden. Eerlijkheid en gelijkheid zijn belangrijke criteria voor regels. De straf moet bij de daad passen. 

Wat ik vooral gelezen heb in de boeken van Piaget, is dat de redenering voor een keuze belangrijker is dan de keuze zelf. Als ik terugkom op de stelling aan het begin van dit blog, vind ik dat het stelen van de koekjes een accepteerbare reden heeft. Stelen is inderdaad slecht, maar verdiend in dit geval niet de hoogste straf. Ik ben wel van mening dat het kind moet leren dat stelen niet te beste optie is, want het kan ook op een andere manier. Bijvoorbeeld door hulp in te schakelen. In dit geval is de 'arme moeder' ook niet degene die voor de straf voor haar kind moet opdraaien. Elk kind en ieder ander is verantwoordelijk voor zijn eigen handelen.

Ik ben het eens met het feit dat Piaget zegt dat de straf bij de daad moet passen. Elke daad heeft een achterliggende reden. Ik vind ook dat deze reden moet worden meegenomen in het beslissen van de straf.